Showing posts with label ontwikkeling. Show all posts
Showing posts with label ontwikkeling. Show all posts

8 Jan 2021

Begin project schoolspullen

Vandaag zijn we begonnen met de organisatie van het schoolspullen en beurzen project in overleg met voorgangers Gilmer en Marciano.

Het hele schooljaar 2020 is op afstand geweest en online in het beste geval, maar via radio in vele dorpen. Vorig jaar hadden we gelukkig nog net de schoolspullen kunnen uitdelen vóór alles op slot ging (foto van de scholieren vorig jaar).

Aankomend schooljaar, in maart, zal het onderwijs iig op dezelfde wijze beginnen: thuisonderwijs. Gezien de tweede golf aan de kust is begonnen en hier snel oploopt, willen we zo snel mogelijk de schoolspullen naar het binnenland kunnen brengen

En we willen een beurzen-systeem opzetten zodat de leerlingen van de middelbare school het geld - dat normaal naar uniformen ging - goed kunnen investeren in printen en internet. Dat hebben de meesten niet in huis, maar moeten ze per half uur en per geprint blaadje betalen. 

Een heel gepuzzel, maar heel belangrijk om ze te helpen in deze toch al zo moeilijke tijd zonder hulp van leraren en vaak ook onvermogen van ouders.

16 Sept 2008

Inwijding Kerkje Malat

Dit keer een bericht uir het blog van mijn ouders. Activiteiten waar ik sterk bij betrokken ben: jeugdweekenden en een projectje in Malat voor het opzetten van een Timmer-leer-werkplaast. Kijk maar: http://gerenfroukje.blogspot.com/
Eindelijk was het zover. Het kerkje in Malat kon officieel worden geopend. Vorig jaar juni begonnen de broeders met het graven van de geulen voor de fundamenten. De kerken en individuele gevers in Nederland hebben hen ondersteund met de financiering van de materialen, maar zij moesten zelf al het werk doen. Dat was niet gering. Daardoor hebben ze ondertussen enorm veel ervaring opgedaan op verschillende gebieden. Wat te denken van Simón, die de coördinatie van het werk op zich heeft genomen. Hij had wel ervaring met het bouwen van huizen in de campo, maar had nog nooit een tekening van een architect gezien. Hij vouwde de tekening open en zei: “Heer, hier snap ik echt niets van, wat moeten we nu?” Hij ging slapen en de volgende morgen bekeek hij de tekening nog eens en begreep toen waar hij moest beginnen. Vorig jaar was het een race tegen de tijd om het dak op het gebouw te hebben vóór de regens begonnen. Het lukte!! Maar er moest tegelijkertijd op de akkers gewerkt worden, want anders kwam er geen eten op de plank. Er werden teams georganiseerd om ’s morgens van 6 – 8 uur samen op de akker van één van de broeders te werken en daarna allemaal weer aan de kerk te bouwen. Het bleek dat het samen werken op de akker, sneller ging dan als je het alleen moet doen. Ze stimuleerden elkaar in het werken. De enorme inzet van de broeders bleek zo aanstekelijk dat er dagen waren dat ook de ongelovigen kwamen helpen. Soms met het werk zelf, soms met een geldelijke bijdrage. Ondanks dat wij toezegden dat we zouden helpen met alles wat de bouw betreft, hebben de families van de kerk ook bijgedragen met hun offergaven. Op het totale bedrag dat in de kerk werd geïnvesteerd, leken de eigen financiële bijdragen weinig, maar God vermenigvuldigde het, ook geestelijk, en zo kwamen er veel families bij die zich aansloten bij de kerk. De kerk werd zo niet alleen letterlijk gebouwd maar ook geestelijk. Zaterdag 30 augustus was de officiële opening. De burgemeester van het dorp was uitgenodigd om de linten voor de deur door te knippen. Er waren twee keer drie linten gespannen, in de kleuren van de vlag van Perú én van Nederland. Hugo en Henny Krösschell waren namens het Perú-comité (waar de verschillende vertegenwoordigers van de ondersteunende kerken zitting in hebben) aanwezig. Henny had een prachtige tegel gemaakt , die in de muur naast de grote deur in de kerk, is gemetseld. Te tekst was samen met de broeders gekozen: “Dos naciones, un solo pueblo – Permanezca el amor fraternal, Heb. 13:1 - 30 agosto 2008” (Twee naties, één enkel volk – Houd de ondelinge liefde in stand, Hebr. 13:1 – 30 augustus 2008). Het getuigt van de onderlinge liefde tussen de christenen in Nederland en de christenen in Malat, Perú. Als laatsten gingen Benigno, de voorganger, en ik, Froukje, met de vlaggen van Perú en Nederlanf, tussen de mensen door naar binnen en zetten ze op het podium van de kerk. Daarna begon het programma. Simón merkte tijdens de opening op dat ze tijdens de bouw vooral de uitwerking van de gebeden van de broeders en zusters in Nederland hadden gemerkt. Soms bleek ‘s avonds dat er de volgende dag maar drie mensen voor het werk beschikbaar waren en zagen ze er tegen op als ze dachten aan alles wat nog gedaan moest worden. De volgende morgen begonnen ze toch met goede moed en in de loop van de ochtend kwamen er velen bij om mee te helpen. Ook bij het oplossen van allerlei technische problemen, hebben ze heel concreet de hulp van God ervaren. Het is bemoedigend, maar ook verwonderlijk, om de ervaringen en betrokkenheid van de broeders in Malat te horen. Het programma van de zaterdagavond,met diverse ceremoniën, was strak opgesteld. Zo werden de leiders van de kerk, samen met voorganger Gilmer, onder wiens verantwoordelijkheid ook de kerk van Malat valt, en de opziener (presbiter) Hilde, samen met het pastorale team van Malat, opnieuw ingezegend ter gelegenheid van de uitbreiding van dit werk. Daarna werd door hen allen de kerk aan de Heer opgedragen. Er waren zo’n 250 mensen getuige van de ceremonie. Er werd gezongen en Buster, de zoon van Simón, speelde met zijn ‘band’. Het was één groot feest. Daarna gingen alle kinderen van 4-12 jaar naar buiten en kregen een lichtgevend armbandje. Nadat ook de volwassenen naar buiten waren gegaan, werden er zes vuurpijlen afgestoken. Het was een prachtig gezicht in het donker, al die lichtgevende armbandjes en de pijlen die in de lucht in sterren uiteenspatten; zoiets hadden ze nog nooit gezien. En dit alles in een omgeving waar (bij het niet aanwezig zijn van electriciteit) alleen de maan en de sterren het landschap verlichten. Kunnen jullie het je voorstellen? De enige klacht die we later hoorden, was dat het programma te snel was afgelopen. De inwijding van het kerkgebouw viel binnen het jeugdweekend, dat vrijdag was begonnen: de eerste keer dat er specifiek met jeugd wordt gewerkt in deze regio. Op zondagmiddag werd het jeugdweekend afgesloten met een symbolische weg van bekering en toewijding; een moment van bezinning en stilstaan bij de verschillende moeilijke situaties in het leven, iets waar ze niet thuis of in de maatschappij mee leren omgaan. Van de 47 deelnemers aan het jeugdweekend, waarvan velen van ver kwamen lopen, maakten de meesten gebruik van deze mogelijkheid. Het team dat het weekend organiseerde, werd opgehaald door Juan, want ze moesten met twee verschillende melkauto’s. Het was voor hen de eerste keer dat ze langs deze weg naar Malat zouden gaan.De melkauto vertrok om 9 uur ’s avonds vanuit Cajamarca en moest om 3 uur ’s nachts in het dorp Sabogal aankomen, waar ze dan zouden overstappen op de melkauto naar Malat. De chauffeur van de eerste melkauto stopte echter onderweg bij een bar om ‘even’ een paar glaasjes bier te drinken. Anderhalf uur later stapte hij aangeschoten weer in en vervolgde zijn weg. Onderweg moest hij een paar keer worden aangestoten omdat hij in slaap dreigde te vallen. Toen ze in Sabogal arriveerden, zagen ze nog net de achterlichten van de wegrijdende melkauto, die niet had willen wachten. Er zat dus niets anders op dan het laatste stuk, onder leiding van Juan, te gaan lopen. Na 5 ½ uur kwamen ze uitgeput in Malat aan. De terugweg ging eenvoudiger , maar voor de heenweg zullen we een andere oplossing moeten zoeken. Wilfredo, die samen met Judith een timmerwerkplaats-project in Malat gaat opzetten, zal daarvoor regelmatig naar Malat moeten reizen. Een oplossing zou zijn bom een motorfiets te huren, maar gezien de kosten (Eur.2,50 per uur) is dit geen optie. Graag gebed voor een goede oplossing. Na het jeugdweekend hadden we een lesweek met de leiders van de kerkjes uit de omgeving. Het waren goede dagen, waar niet alleen bijbellessen gegeven werden door Ger en Marciano, maar ook praktische lessen over wormkuilen en het fokken van cavia’s voor consumptie, door Gilmer.en pedagogische lessen door Henny, voor ouders en personeel van de school. Het evangelie is integraal! Op de avonden werden evangelisatiefilms gedraaid en dan was de kerk iedere keer weer, helemaal vol. De mensen moesten staan omdat er nog geen banken in de kerk zijn. Na de laatste filmvoorstelling bleven er vier jongens achter, die te kennen gaven dat ze hun leven in Gods hand wilden leggen. Geweldig fijn als jongelui een duidelijke beslissing nemen. Laten we bidden dat zij doorgaan en ook bij die beslissing zullen blijven, zodat het jeugdwerk ook in Malat echt vrucht zal afwerpen. Ger en Froukje.

22 Aug 2008

Werk & Ontwikkeling

Eigenlijk heb ik de laatste tijd niet veel puf om te schrijven en dat heb je gemerkt… weinig meer op de web gezet en dat heeft vooral met de werkdruk te maken, die alle energie van me vergt. Op zich gaat het niet om een hoge werkdruk vanwege de hoeveelheid taken die ik moet uitvoeren; al zijn die wel veel, gezien ik in vele opzichten iets meer weet door mijn opleiding en ervaring met milieu-educatie, maar vooral meer interesse... maar daarbuiten gaat het vooral om de werksfeer. Het lijkt erop dat, waar we vorig jaar gelukkig wel konden werken en we MOCHTEN werken volgens de door ons ontwikkelde methodes, we nu ineens te veel politieke bemoeienis krijgen van de wethouders. Het technische van het politieke uit elkaar houden is schijnbaar niet makkelijk. Vooral het afdelingshoofd heeft de taak daar een evenwicht in te vinden en dat valt míjn directe baas schijnbaar niet mee. Je hebt veel te maken met “politieke schulden”. Mijn directe baas is door de wethouder in de Gemeente gebracht en dus moet hij het terugbetalen met het steunen met zijn “subtiele” politieke campagne om zich als burgemeester te lanceren, die nu al begint voor de verkiezingen van over 2.5 jaar. Burgemeesters worden hier namelijk gekozen en die nemen dan hun wethouders en personeel mee van dezelfde politieke partij, en gooien de vorige eruit als het even kan. Maar goed, omdat we nu, via onze afdeling, een project aan het uitvoeren zijn, wordt er veel aan getrokken en proberen de wethouders “hun mensen” hier aan het werk te krijgen, en ook extra aandacht te krijgen als we openbare acties doen zoals milieu-acties en workshops in de andere districten van de provincie van Cajamarca. Als het hen niet naar de zin gaat, moet mijn directe baas op het matje komen en die vindt dan weer dat ik op het matje moet komen... ik heb namelijk veel gedaan om dit project gefinancierd te krijgen, omdat het onder mijn afdeling valt: Milieu Educatie en Beleidmaken. Vorig jaar hebben we veel gedaan gekregen zonder project vooral op gebied van beleid maken, maar voor een aantal activiteiten zoals workshops in alle districten en gefundeerd luchtkwaliteit onderzoek gebaseerd op gemeten data, hadden we toch echt de financiering van het project nodig. Wij helemaal blij natuurlijk, want afgezien van de meetinstrumenten, zou er ook personeel komen voor de uitvoering. Wat wil het geval? Inmiddels wordt het project uitgevoerd vanaf maart dit jaar. Twee mensen werden ervoor aangenomen. De projectleider en technisch personeel. De projectleider had meer interesse voor afvalverwerking, waardoor hij twee maanden weinig heeft uitgevoerd en toen naar een ander project vertrok. We kregen een supervisor, waar we vorig jaar mee hadden samengewerkt en als zodanig werkten we prima samen. Het werk werd in overleg bepaald met de andere drie werkers die later werden aangenomen: een lerares, iemand voor pers en communicatie en iemand die enquêtes zou houden. Toen de projectleider weg ging, werd ze, de supervisor, voorgesteld de leiding van het project over te nemen en toen werden de relaties ineens anders. Hoe het gekomen is, weet ik niet, maar deze persoon weet ineens niet wat overleggen is en weet alleen orders uit te delen aan haar team, wat daarom niet meer als team samenwerkt. Daarnaast spendeert ze veel tijd aan het “informeren” aan de afdelingshoofd, ook mijn baas, over wat ze allemaal zelf doet en de rest van het personeel niet, dus dat de rest (vooral mijn collega en ik) niets uitvoert en daarom haar project dwarsbomen en ze niet vooruit komt. Gezien het niet mijn stijl is me te verdedigen als dingen niet direct tegen me worden gezegd, werd dit alleen erger en had mijn baas vooral indirecte opmerkingen over dat ik “nog steeds op vakantie was”. Ik heb dáár dus wel op gereageerd en duidelijk gemaakt dat het niet het geval is en we als personen en "professionals" een beter omgang met elkaar zouden moeten hebben, maar toch stopt het niet en is de spanning te snijden tussen ons als team: mijn baas, mijn collega, de nieuwe projectleider en ik. Ergens doet het vermoeden dat er financiële interesses zijn, want bij het uitvoeren van projecten, proberen leidinggevenden er altijd iets extra´s uit te halen. Helemáál omdat we vorig jaar zo goed hebben samengewerkt (zonder project) om de milieu-certificatie op Nationaal niveau voor elkaar te krijgen en er nu zo´n omslag is in de omgang. Anyways, dit alles doet me nogmaals goed nadenken over de principes, waarden en normen, en redenen die me hierheen brachten. Natuurlijk trok en trekt het heel erg, omdat ik hier ben opgegroeid en omdat voor mijn gevoel een groot gedeelte van mijn “wortels” hier liggen, maar ook juist omdat ik zag en zie dat er meer nood is en minder mensen die het werk hier kunnen doen. In Nederland is ook veel belangrijk werk te doen, maar vaak is dat door meerdere personen uit te voeren. Ik wilde niet werken alleen om een loon te hebben om te kunnen leven, maar heb nu toch het gevoel dat nu wel te moeten doen. Het werk op het gemeentehuis heeft me ontzettend veel geleerd, veel over de maatschappij en de mentaliteit in deze landen. Één ding is het opgroeien en af en toe hier even wonen en op vakantie zijn; iets héél anders is er helemaal inzitten en de dagelijkse realiteit zelf meemaken. Dit valt niet mee, is vaak frustrerend, omdat je weet dat het anders kan, maar het verrijkt tegelijkertijd je denken en je ervaring. Mijn structurele denken is toch vrij Europees gevormd en dat is iets heel positiefs, maar tegelijkertijd iets wat hier niet altijd opgaat en dus moet je ook dát kunnen loslaten. Je MOET leren omgaan met onzekerheden, onveiligheid, nood, frustratie, corruptie, oneerlijkheid en vooral dat niet alles is zoals je denkt dat het zou moeten zijn. Moeilijk, maar verrijkend, want je enige zekerheid blijkt weer de Schepper te zijn. Een paar weken geleden was hier een Nederlands gezin, die de wens hebben ontwikkelingshulp te kunnen doen met als drijfveer hun geloof. Heel mooi om te zien en te ervaren dat er mensen worden aangeraakt om hun veilige plekkie in het “geregelde” Nederland op te willen geven om te kijken hoe ze kunnen dienen om anderen verder te helpen, die niet dezelfde mogelijkheden hebben gehad. Een land en een cultuur leren kennen is natuurlijk een proces. Het is interessant te merken dat er in de gesprekken zoveel verschil is in visies over hoe de maatschappij in ieders ogen is of zou moeten zijn. Iedereen, wij allemaal redeneren en ervaren natuurlijk vanuit onze eigen achtergrond en dus kan dat nogal eens verschillen. In de gesprekken kwamen verschillende opties naar voren voor het invullen van het werk dat ik of wij samen zouden kunnen opzetten, om daarmee ook terug te komen op mijn eerste drijfveer. Het werk van mijn ouders is gericht op geestelijk en sociaal werk, waarbij ze veel sociaal-economische nood tegenkomen. Daar vloeien veel ideeën uit voort, die in ideeën blijven steken zolang niemand ze oppakt, want ze weten het nu al soms niet allemaal bij te houden met alles wat er uitgebreid is sinds ze zijn begonnen met het werk in 2001. Zo hebben Wilfredo en ik een tijdje geleden een projectje opgezet voor een timmer-leer-werkplaats in een van de verderweg liggende dorpen waar ook bijbelscholen worden gehouden. Het is in Malat, waar nu ook een nieuwe kerk wordt gebouwd waar de hele gemeente hard aan meewerkt. Dit projectje is door een vereniging van melkers uit Best in Nederland aangenomen en nu kan het worden uitgevoerd. Maar door wie? Door allerlei soortgelijke en gecompliceerdere corruptieschandalen, heeft Wilfredo vanaf half augustus besloten afstand te doen van zijn werk en zijn we op zoek naar alternatieven op korte termijn; maar in de tussentijd is hij het project van de Timmerwerkplaats aan het uitwerken voor een gestructureerde planning en effectieve uitvoering. We willen er vorm aan geven zodat het vanaf september werkelijkheid zal worden. Verder zijn er voorstellen van projecten voor drinkwatervoorziening in een ander dorpje, promotie (en later begeleiding) van vrijwilligerswerk vanuit Nederland, het jeugd- en tienerwerk in de dorpen opzetten en begeleiden, etc. Graag wil ik een werkplan opzetten om te zien óf en hoe ik daar invulling aan zou kunnen geven want het is ontzettend belangrijk werk. Misschien zou het ook goed zijn als brug naar stabieler werk of juist om het steeds meer uit te breiden. In de gesprekken met het echtpaar uit Nederland, dachten we ook aan een optie op midden- of langer termijn, wat zou zijn: een korte periode naar Nederland, projecten voorstellen, een achterban proberen te vormen, fondsen werven en weer hier aan de slag in ontwikkelingsamenwerking, weer gedreven door de motor van ons geloof. De optie die we ook in Nederland met een paar hadden besproken, maar wat voor ons, vooral mij, soms moeilijk is voor te stellen. Door de werkelijkheid die we nu leven heb ik “geleerd” vooral niet te veel vooruit te denken... niet te veel te dromen om teleurstellingen te voorkomen... misschien is dit te veel uitgedoofd en moet ik weer leren dromen, en leren vertrouwen. Dus zoals je ziet, veel stof om over na te denken en daardoor weinig puf om te schrijven. Het werk hier is belangrijk, de oogst is groot, maar als je zelf druk bezig bent met overleven, is het moeilijker anderen te kunnen helpen. Misschien kun je meedenken en meebidden, dat zou ons veel helpen: helderheid krijgen over de toekomst, de juiste stappen te zetten en vooral vertrouwen, geloven en durven dromen... Judith

11 Mar 2008

Ze heet ANA...

Bijna twee weken is Ana bij ons in huis, ze is 15 jaar oud en komt uit Oxamarca, een dorpje zo´n 6 uur rijden vanaf Cajamarca. Zoals velen van jullie weten werkt mijn moeder samen met het Lilianefonds voor rehabilitatie van kinderen. In de dorpen waar mijn ouders werken kom je vaak „gevallen“ tegen die, als ze op zeer jonge leeftijd zouden zijn geholpen met een operatie of fysiotherapie, niet zoveel hoefden te lijden of grote operaties zouden moeten ondergaan om het weer “recht te breien”. Daarom werkt m´n moeder met de kinderen en dan nóg zijn er soms al ver gevorderde misvormingen. Zo zijn er veel kinderen met scheve voetjes of hazelipjes. Toen Ana geboren werd, dachten ze dat ze doof was, want ze werd geboren met frommel-oortjes die vooral aan één kant helemaal dicht was aan de buitenkant. Ze hoorde wel wat, maar heel in de verte, zoals als we de handen tegen de oren houden... maar door op dat gebied ANDERS te zijn, is ze ook altijd anders behandeld: als een doof-stom en achterlijk kind. Ik denk dat als je als zodanig wordt behandeld je je er ook langzaam maar zeker naar gaat gedragen... Een twee jaar geleden heeft moeder Froukje (die wordt inmiddels als moeder overste behandeld door de “patiënten”), alle papieren en consulten geregeld zodat Ana een operatie en langdurige behandeling kon ondergaan. Dat betekent eerst in het eigen dorp een verwijzing regelen, vervolgens in Cajamarca en dan weer naar Lima, want alleen dáár kon ze geopereerd worden. Dit klinkt best simpel, maar zomaar krijg je geen verwijzing, want om te beginnen zijn de geboorte actes al niet juist ingevuld en moet je in Cajamarca voor zessen nummertje trekken om later op de ochtend (9 of 10am) geholpen te worden en vaak weer een paar keer terug komen. En dit alles naast het feit dat Ana nooit het dorp was uitgeweest en haar vader de akker moest laten liggen om mee te gaan. En zo is het heel wat werk om één kind te helpen... M´n moeder heeft er nu 16 in behandeling!! Na de laatste operatie om het oor te openen in februari 2008, moet ze regelmatig voor controle naar de doctor. Dit was de vorige keer in Oxamarca helemaal mis gegaan, waardoor de dure operatie bijna voor niets was geweest; dat was het risico nu weer niet waard. Dus naast alle consulten, regelen van de operatie en controles heeft m´n moeder besloten Ana in Cajamarca te houden, hier bij ons in huis. Doordat ze altijd achtergesteld is, heeft Ana niet alleen fysieke problemen: ze heeft zeer duidelijk ook een emotionele schade en misschien ook een verstandelijke achterstand. Nu ze bijna twee weken bij ons is, zie ik steeds meer dat ze heel verward is, moeilijk iets kan uitleggen, binnensmonds praat ALS ze praat, maar gelukkig ook steeds losser komt. Zoals ik al beschreef: ze is altijd al achterlijk behandeld en misschien gaat ze er dan vanzelf naar handelen. Om te beginnen zou ze psychologische hulp moeten krijgen en spraaktherapie. Maar hoe kan dit alles geregeld worden, zoals zoveel meer kinderen geholpen zouden moeten worden. Ze mist haar huis en ouders natuurlijk heel erg, want ze is niet alleen in een ander huis, maar bij ons ook in een andere cultuur terechtgekomen. Af en toe bellen we naar Oxamarca, zodat ze even kunnen praten. Ana is 15, maar reageert en handelt als een kind van 10 of 11. Om iemand als zij te kunnen helpen, echt integraal te kunnen helpen zou ze hier in Cajamarca moeten kunnen wonen om professionele hulp te krijgen... maar daar staat dan tegenover dat er geen tehuis is, haar verre familie, die hier in de stad woont, haar ook links zou laten liggen of als slaafje zou behandelen en we haar bij haar ouders en eigen omgeving weg zouden houden. WAT MOET JE DAN? Als je zo´n kind een tijdje dichtbij hebt, ga je er intensief mee om, soms is het vermoeiend omdat het contact ook wel moeilijk is, maar toch ook heel mooi om te zien hoe ze langzaam vooruit gaat omdat ze anders wordt behandeld... te weten dat ze dan weer terug zou gaan naar Oxamarca, daar meteen zou terugvallen en wat vooral door mijn hoofd gaat is: HEER BEWAAR HAAR, want dit soort kinderen worden vaak sexueel misbruikt omdat ze toch niet serieus genomen worden... WAT MOET JE DAN?? Ik, wij voelen ons zo machteloos soms... je hebt geen goed alternatief voor opvang, maar je stuurt haar wel naar een omgeving die niet veel positiefs voor haar kan betekenen... wat er dan in mij opkomt: een opvangcentrum in Celendín opzetten. Celendín is een groot dorp/stadje dat net niet te ver weg is van hun realiteit, maar wel genoeg communicatiewegen heeft naar Cajamarca en hun dorpen, mocht dat nodig zijn. Als er iemand zou zijn, IEMAND die weet waar te beginnen om zoiets op te zetten, daar samen over te braistormen en beginnen te werken... DENK JIJ DAAR MAAR EENS GOED OVER NA. De oogst is groot maar de werkers weinig... Soms zijn onze “handen gebonden”

Wilfredo & Judith